Achtergehouden documenten en data bij UWV, Belastingdienst en CBR zijn geen incident, maar een systeemfout

Democratische controle staat of valt met volledige informatie!

Haje Derksen avatar

opiniemaker

De recente berichten over het opnieuw opduiken van documenten uit de Kindertoeslagenaffaire die beschikbaar hadden moeten zijn voor de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag, roepen opnieuw fundamentele vragen op over de informatievoorziening binnen de Rijksoverheid. Als documenten die relevant zijn voor waarheidsvinding pas jaren later boven water komen, is het onmogelijk voor de Tweede Kamer om haar controlerende taak volledig uit te oefenen.

De Kindertoeslagenaffaire heeft Nederland geleerd welke gevolgen het kan hebben wanneer cruciale informatie niet of slechts gedeeltelijk wordt gedeeld. Duizenden ouders werden ten onrechte als fraudeur bestempeld, terwijl de overheid bleef volhouden dat zorgvuldig was gehandeld. Pas nadat interne memo’s, e-mails en andere documenten alsnog openbaar werden, ontstond een completer beeld van de besluitvorming binnen de Belastingdienst.

Juist daarom is het zorgwekkend dat opnieuw blijkt dat relevante stukken niet beschikbaar waren tijdens een parlementair onderzoek. Of documenten bewust zijn achtergehouden, verkeerd zijn gearchiveerd of pas later zijn teruggevonden, maakt voor de democratische controle uiteindelijk weinig verschil. De consequentie is hetzelfde: volksvertegenwoordigers nemen besluiten op basis van een onvolledig dossier.

Een breder patroon

De vraag is inmiddels niet meer of dit alleen bij de Belastingdienst is gebeurd. Ook bij andere zelfstandige bestuursorganen en uitvoeringsorganisaties zijn de afgelopen jaren ernstige vragen gerezen over de volledigheid van de informatie die richting de Tweede Kamer wordt verstrekt.

Bij het UWV kwamen de afgelopen jaren diverse uitvoeringsproblemen, fouten in uitkeringen en tekortschietende interne controles naar buiten. Kamerleden constateerden herhaaldelijk dat problemen pas zichtbaar werden nadat journalisten, interne onderzoeken of klokkenluiders nieuwe informatie naar buiten brachten.

Ook rondom het CBR zijn de afgelopen jaren door verschillende partijen vragen gesteld over de informatievoorziening richting politiek en samenleving. Daarbij gaat het onder meer om discussies over wachttijden, de uitvoering van examens, interne besluitvorming en de wijze waarop meldingen en klachten van medewerkers en andere betrokkenen zijn afgehandeld. Over verschillende van deze onderwerpen bestaan uiteenlopende lezingen, waardoor onafhankelijke controle en transparantie van groot belang blijven.

Democratische controle staat of valt met volledige informatie

De Tweede Kamer beschikt nauwelijks over eigen onderzoeksapparaten. Kamerleden zijn voor een belangrijk deel afhankelijk van de informatie die ministers, uitvoeringsorganisaties en ambtenaren verstrekken. Wanneer die informatie onvolledig blijkt, wordt niet alleen een debat beĆÆnvloed, maar ook wetgeving, begrotingen en politieke verantwoording.

Daarmee ontstaat een fundamenteel probleem voor de rechtsstaat. Ministers kunnen alleen politiek verantwoordelijk worden gehouden wanneer zij zelf volledig worden geĆÆnformeerd door hun ambtelijke organisatie. Kamerleden kunnen hun controlerende taak alleen uitvoeren wanneer zij beschikken over alle relevante feiten. Burgers kunnen pas vertrouwen hebben in de overheid wanneer duidelijk is dat informatie niet selectief wordt gedeeld.

Integriteit vraagt meer dan nieuwe regels

Na de Kindertoeslagenaffaire zijn tal van maatregelen aangekondigd om de informatievoorziening te verbeteren en een meer open bestuurscultuur te creƫren. Toch laten nieuwe onthullingen zien dat transparantie zich niet laat afdwingen met alleen wetgeving of beleidsvoornemens.

Een cultuur waarin kritische signalen worden gedeeld, documenten zorgvuldig worden bewaard en relevante informatie zonder terughoudendheid aan de Tweede Kamer wordt verstrekt, is uiteindelijk een kwestie van bestuurlijke integriteit. Wanneer informatie structureel pas na jaren beschikbaar komt, ontstaat onvermijdelijk de indruk dat het systeem nog steeds onvoldoende is ingericht op openheid.

Vertrouwen herstellen begint bij volledige openheid

De vraag die de nieuwe documenten uit de Kindertoeslagenaffaire oproepen, reikt daarom verder dan één dossier. Hoeveel informatie bevindt zich nog in archieven die parlementaire onderzoeken hadden kunnen beïnvloeden? En hoeveel vergelijkbare situaties bestaan er nog bij andere uitvoeringsorganisaties?

Voor het herstel van vertrouwen is het niet voldoende om achteraf vast te stellen dat documenten alsnog zijn gevonden. Minstens zo belangrijk is een onafhankelijk onderzoek naar de wijze waarop informatie binnen de overheid wordt beheerd, geselecteerd en verstrekt aan de Tweede Kamer.

De democratische rechtsstaat functioneert immers alleen wanneer volksvertegenwoordigers erop kunnen vertrouwen dat zij beschikken over een volledig en waarheidsgetrouw dossier. Zodra dat vertrouwen verdwijnt, komt niet alleen ƩƩn organisatie ter discussie te staan, maar de geloofwaardigheid van het openbaar bestuur als geheel.